Afval dat niet hergebruikt kan worden en niet brandbaar is, wordt gestort. Daar komt nog heel wat bij kijken. Bij de aanleg van een stortheuvel gelden de zogenaamde IBC-criteria, wat staat voor Isoleren, Beheersen en Controleren van het gestorte afval.
Isoleren betekent: voorkomen dat stoffen uit het afval in de bodem kunnen komen of het grondwater verontreinigen.
Beheersen houdt in dat je, gedurende de tijd dat een stortplaats in gebruik is, je alles goed onderhoudt en er bijvoorbeeld voor zorgt dat regenwater opgevangen en gezuiverd wordt wanneer het in de stortheuvel wegzakt.
Controleren is de verplichting dat je ook alles voortdurend in de gaten houdt en regelmatig nagaat of de stortheuvel nog aan de eisen voldoet.
Dat alles houdt niet op wanneer de stort zijn hoogste punt heeft bereikt. Zo blijft Twence, als beheerder van het afvalverwerkingterrein verantwoordelijk voor de controle en de eeuwigdurende nazorg van de stortheuvels.
Isoleren
Om te voorkomen dat verontreinigingen in de bodem terechtkomen hebben de stortcompartimenten een dubbele onderafdichting. Die bestaat uit een ondoordringbare laag van zandbentoniet met daarop een zeer sterke kunststoffolie. Onder deze afdichting liggen drainagebuizen waarmee gecontroleerd wordt of de onderafdichting goed functioneert.
Beheersen
Boven op de onderafdichting ligt een laag zand met drainagebuizen voor de afvoer van het water dat uit het afval sijpelt (het percolaatwater). Dit water wordt opgevangen en vervolgens gezuiverd in de eigen zuiveringsinstallatie van Twence.
Als de stortheuvel vol is wordt hij ook aan de bovenkant geïsoleerd met een waterdichte laag. Deze definitieve afdichting, zoals die momenteel gebruikelijk is, bestaat ook weer uit een dubbele afdichting van kunststoffolie met een extra bescherming van zandbentoniet. Het afval is dan volledig geïsoleerd van de omgeving. Een stortheuvel kan zo nog voor zeer veel doeleinden gebruikt worden, bijvoorbeeld als golfterrein, skihelling of recreatiegebied. Bij Twence onderzoeken we ook andere toepassingen. Zo worden er bij wijze van proef druiven gekweekt op de zuidhelling van een stortheuvel.
De stortheuvels op het terrein van Twence worden maximaal 25 meter hoog.
Gasbron
Door de verteringsprocessen in het afval ontstaat in de stortheuvels gas, het stortgas. Dit bestaat voor 50 tot 60% uit het brandbare methaan, ook één van de broeikasgassen. Om te voorkomen dat dit gas spontaan tot ontbranding komt, of dat het vrijkomt in de atmosfeer, wint Twence het gas en gebruikt het als energiebron. Binnen de stortheuvel zijn daarom op diverse plaatsen verticale geperforeerde leidingen geplaatst, die zorgen voor de afvoer van het gas.
Het gaat hierbij om aanzienlijke hoeveelheden. Uit de stortheuvels van Boeldershoek winnen we per uur 500 m³ gas, op Elhorst-Vloedbelt 250 m³
Het gas dat op de stortplaats Boeldershoek wordt gewonnen, gebruiken wij om zelf elektriciteit op te wekken, dat van Elhorst-Vloedbelt wordt verkocht aan Cogas.
|