Wat doen wij
Biomassa Elektriciteits Centrale

 

De Biomassa Elektriciteits Centrale (BEC) van Twence wekt elektriciteit op door verbranding van organische afvalmaterialen, voornamelijk B‑hout (geverfd en behandeld hout), houtige niet-composteerbare delen uit de composteringsinstallaties en de grove delen uit het groenafval.

Om het verbrandingsproces zo goed mogelijk te laten verlopen, wordt het brandbare materiaal eerst verkleind tot stukken van maximaal 50 centimeter. In de meeste gevallen heeft het materiaal bij levering al deze afmetingen. Mocht dat niet geval zijn dan vermaalt een shredder (versnipperaar) bij onze Houtbank het materiaal op de juiste maat.

In een enorme hal wordt een ‘werkvoorraad’, genoeg voor bijna één week, opgeslagen. Met shovels worden de verschillende partijen daar door elkaar gemengd zodat een homogene massa ontstaat.

De shovel stort het verbrandingsmateriaal in vier boxen op zogeheten ‘shifting floors’. Deze transporteren de biomassa naar een lopende band die het materiaal in eerste instantie tot aan het ferrofilter brengt.

Ferrofilter

Grote magneten verwijderen de metaaldelen uit de biomassa. Op deze manier komt het metaal beschikbaar voor hergebruik. Tegelijkertijd wordt voorkomen dat de metalen schade brengen aan de rest van de installatie.

Vanaf het ferrofilter gaat het materiaal met een transportband omhoog tot circa 25 meter, waar het in een tussenbuffer wordt gestort. Van daaruit wordt het hout op het rooster van de verbrandingsinstallatie gedoseerd.

Verbrandingsrooster

In een grote oven wordt de biomassa verbrand bij een temperatuur van circa 1000o Celsius. De binnenkant van de oven is geheel met hittebestendige tegels bekleed. Het verbrandingsproces duurt ongeveer 45 minuten.

Ketel

Het vuur verwarmt een grote ketel, een stelsel van met water gevulde buizen, waarin stoom ontstaat. Deze stoom is nodig om de turbine aan te drijven. De turbine drijft op zijn beurt de generator aan, die te vergelijken is met een enorme dynamo, waarmee stroom wordt opgewekt. Voldoende elektriciteit om alle huishoudens in een stad als Hengelo te voorzien.

Rookgasreiniging

Vanuit de verbrandingsoven komen de rookgassen, nadat zij het water in de ketel hebben verhit, in de rookgasreiniging. Hier worden alle schadelijke stoffen uit de rookgassen gefilterd.

Het eerste onderdeel is de cycloon. In de cycloon worden de vaste deeltjes, bekend als vliegassen van de rookgasstroom gescheiden.

Na de cycloon worden er hulpstoffen (additieven) in de rookgasstroom geblazen. Deze stoffen reageren met de schadelijke stoffen of adsorberen ze. Hiervoor gebruiken we onder meer actieve koolstof (Norit), kalk of natriumbicarbonaat (bakpoeder).

Daarna gaan de rookgassen door het doekenfilter waar tevens de fijne stofdeeltjes worden opgevangen.

De laatste stap is de denoxinstallatie voor het filteren van stikstofoxiden met behulp van ammoniak. De oxiden worden dan omgezet in ongevaarlijke stoffen als waterdamp en stikstof.

Na de denox worden de gassen met een grote ventilator in de schoorsteen geblazen, die voorzien is van allerlei meetapparatuur. De rookgassen bevatten dan nauwelijks meer schadelijke stoffen, de uitstoot blijft ruimschoots binnen de grenzen van de strenge wet- en regelgeving.