AWIGO bezoekt Twence in het kader van grensoverschrijdend partnerschap

Mede in het kader van onze ambitie om het publieke karakter in de Euregio te versterken heeft de directie van AWIGO op 14 december een bezoek aan Twence gebracht. Als publieke onderneming en eigendom van het district (Landkreis) Osnabrück is AWIGO het centrale aanspreekpunt voor alle zaken met betrekking tot recycling en afvalbeheer in de regio. Twence verwerkt sinds begin dit jaar restafval uit Landkreis Osnabrück.

AWIGO BFR Niehaves

Het afvalinzameling- en verwerkingsbedrijf beheert het afval van ongeveer 360.000 inwoners van de 21 steden, gemeenten en deelgemeenten van de Landkreis Osnabrück en staat met een aantal commerciële bedrijven haar klanten bij met advies en ondersteuning als het gaat om milieuvriendelijke afvalpreventie, -verwijdering en -recycling.

Duurzaamheid en klimaat van belang bij aanbesteding
Twence verwerkt sinds 1 januari 2023 ca. 30.000 ton restafval van huishoudens en (bedrijfs)inrichtingen afkomstig van inzameling door AWIGO uit Landkreis Osnabrück. De Stadt en Landkreis Osnabrück hadden bij het proces van aanbesteding via de gezamenlijke dochteronderneming bijzondere aandacht voor de duurzaamheidsprestaties en klimaatdoelstellingen (CO2-reductie), waarop Twence goed scoort.

Directeur Niehaves benadrukte dat de samenwerking tussen Twence en AWIGO aangenaam en goed verloopt. “Ik ben na twintig jaar voor het eerst terug bij Twence en zeer onder de indruk van de ontwikkelingen en innovaties van Twence”, aldus de AWIGO-directeur.

Samenwerking vanuit Duitse overheden met Twence
Vanuit de Duitse overheden in de Euregio en met hen verbonden publieke en private ondernemingen is er de afgelopen tijd bijzondere aandacht voor de rol van en samenwerkingen met Twence als publiek Euregionaal duurzaamheidsbedrijf en voorloper in de afvalsector.

Frank Siebelt, manager Aandeelhoudersrelaties: “We kijken positief terug op het bezoek waarbij onze toekomstvisie en de meerwaarde van het grensoverschrijdende partnerschap tussen beide publieke ondernemingen voor nu en de toekomst uitgebreid aan de orde is geweest.”